Busje komt zo
Door: Rob
14 Januari 2008 | Nepal, Kathmandu
Eindelijk zit ik in de bus naar Kathmandu. Naast me zit een jonge Nepalese vrouw. Ik haal mijn i-pod uit m’n tas. Oordopjes in. Ogen dicht. Armen over elkaar. Benen laten rusten. Eeeeeeenn ontspannen maar!! Plof. Mijn knieen vallen tegen mijn buurvrouw aan. Verschrikt trekken we allebei onze benen weg. Fuck. Ik kan met geen mogelijkheid anders zitten.
Geforceerd houd ik mijn benen op mijn helft. Maar míjn helft, subtiel gemarkeerd door de armleuning, is simpelweg te krap voor mij. Zes uur met gespannen bovenbenen voorkomen dat mijn been tegen het hare valt. Da’s te lang. We rijden over een hobbelige weg. Onze knieen lijken inmiddels in een spannende dans verwikkeld te zijn. Het blijft niet meer bij kleine aanrakinkjes. Onze benen worden als magneten naar elkaar toegetrokken. Mijn buurvrouw weet zich ook geen houding te geven en ze verzit zich om de minuut. Net als ik.
Normaal heb ik geen moeite met aanrakingen. Zeker niet van het vrouwelijk geslacht. Maar nu trek ik het gewoon niet. Het lukt me niet om te ontspannen. Zes jaar geleden heb ik in buslijn 162 eens een buurman geirriteerd door steeds meer beenruimte op te eisen. Omdat hij ook nogal aanrakingsschuw was, won ik steeds meer terrein. Is dit nu karma? Mijn straf? Zes uur mijn slapende benen in een te krappe bus zitten?
Dan, na een uurtje rijden, verlost mijn buurvrouw ons. Ze trekt haar benen op en vouwt ze in een onmogelijke hoek. We raken elkaar niet meer aan. Als dank ben ik in slaap gevallen. Met open mond. En schoot ik – half dromend - met mijn elleboog vól tegen haar schouder. Sorry daarvoor.
-
15 Januari 2008 - 20:07
Stippie:
ik vind het zo leuk dat je er bijna weer bent!!
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley